• Home
  • Weblog
    • - Nieuws
    • - Reisverslagen
    • - Wedstrijdverslagen
    • - Videoverslagen
  • Foto's
  • Bindpatronen
  • Activiteiten
  • Over ons
  • Lidmaatschap
  • Contact
  • Route
  • Ledenlijst

  • VNV
  • Forum De Nederlandse Vliegvisser
  • Vliegvis Startpagina
  • Global Fly Fisherman
  • Vis & vlieg knopen
Home Weblog Reisverslagen Fly-fishing trip Lough Mask

Fly-fishing trip Lough Mask

Weblog - Reisverslagen

Als we de provinciale weg verlaten en onze -gehuurde- spacewagon het landweggetje opsturen richting Lough Mask, bekruipt me meteen weer dat onmiskenbare gevoel dat ik altijd in Ierland heb; een oase van groene stilte, waar de mens zich heel bescheiden heeft teruggetrokken in een hoekje, en met respect opkijkt naar de natuur. Ik rij tussen de schapen van Tom Feeney, onze gastheer, naar de oever van het meer.

Hij heeft voor ons (zes vissers) zijn grootste mobile home gereserveerd, en er liggen 3 boten met motoren klaar. Nadat onze bagage een plekje heeft gekregen (wel een beetje krap...) nemen we even een kijkje in de omgeving. De tuin om de caravan ligt er perfect verzorgd bij, en het weggetje voert ons langs een mooi stukje natuur aan de oevers van het meer. Orchideeën groeien overal, goudvinken laten zich regelmatig zien en horen, en we zien zelfs drie damherten voorbijkomen... Maar we zijn gekomen om te vissen, niet dan? Dus concentreren we ons op de leaders en de hengels, die we in de tuin klaar zetten voor onze eerste dag op Mask.

De boten zien er prima uit, met motoren tussen 5 en 7 pk. Na een korte inspectie kunnen we het water op; de omstandigheden lijken ideaal. Een stevige bries stuwt het water op tot golven van een halve meter, en het is wisselend bewolkt. Temperatuur: 16 graden. De ervaring leert dat -begin mei- dit de beste weersomstandigheden zijn om de meerforellen tot stijgen te brengen… Lough Mask is een moeilijk water, qua obstakels, maar ook vistechnisch. Het is een kalkmeer, met een enorm aanbod aan insekten. Dat is de vis ook aan te zien, want ze zien er supergezond uit, met een mooie zalmrode vleeskleur. Maar een verraderlijk meer is het ook, gezien zijn zuilvormige rotsen, die vanuit het niets tot vlak onder de oppervlakte oprijzen. Opletten is dus het motto, en de reddingsvesten dienen continu aangehouden te worden.

Ik zit aan de motor, en leg de boot voor onze eerste drift dwars op de wind. Een roeispaan gaat aan de windzijde standby het water in, zodat ik kan corrigeren wanneer de boot dreigt te gaan "varen" op de wind. Want dat is de taak van de boatsman: ervoor zorgen dat de boot haaks op de wind gaat driften, zodat je recht voor je uit je lijn kunt werpen. Ik maak weer gebruik van mijn 12-voets Lough-Style-Rod, een hengel voor een #5 lijn, die ik ooit bij Hengelsport Arnhem onder het stof in de vitrine vond. Een perfecte hengel voor het Lough Style vissen; met een leader van ruim 7 meter (!) presenteer je de cast van drie vliegen op een meter of 18 van de boot. Ik strip twee keer binnen, en begin dan de lift in te zetten; de hengel gaat in een vloeiende beweging naar boven, totdat-ie de verticale stand heeft bereikt. Intussen blijf ik langzaam binnenstrippen, en hou de bob-fly (de bovenste vlieg) nauwlettend in de gaten, die al skatend door de oppervlakte flinke rimpels trekt.

De tweede en derde vlieg volgen op 1,5 en 3 meter afstand, en dus imiteren deze dropper- en tail-fly de natuurlijke vliegen die onder de oppervlakte willen "hatchen". Als op drie meter van de boot het water "bijna op" is, zet ik een rolworp in, en meteen erachteraan een achterwaartse worp. Met één voorwaartse worp strekt zich vervolgens de vliegenlijn, en zie ik de leader zich op de wind netjes uitrollen. Wind is wel zo handig met een leader van deze lengte. En als het windstil wordt op het meer, kun je twee dingen doen: overschakelen op droge vliegen, of een voorstel doen voor sight-seeiing… Na een uurtje moeten we de conclusie trekken dat het weer dan wel ideaal is, maar de vis schijnt zich daar niet veel van aan te trekken. Er is weinig insektenleven te zien, en je ziet ook geen vis stijgen. Af en toe fladdert er een Green Olive in de boot, die dankbaar gebruik maakt van de reling om de vleugels te drogen.

Dan toch heel onverwacht ineens die flits, die gouden flank, waar je stiekem op hoopte! Een mooie forel heeft mijn Green Peter van de oppervlakte afgegrist, en kwam daarbij in zijn volle lengte boven water uit; het moeilijkste hierbij is om niet aan te slaan (je zou geheid vis èn vlieg kwijt zijn); ik hou de lijn strak, en een moment later wordt mijn hengel tot het handvat krom getrokken.

Ik verbaas me elk jaar weer over de explosieve kracht van deze bruine forellen! Ik moet mijn maat Theo vragen om zijn hengel even over mijn hengel heen te tillen, want de vis besluit om aan de andere kant van de boot zijn vluchtpoging voort te zetten; een hachelijk moment, maar het loopt goed af. De vis neemt nog een run van een meter of vijf, maar dat wordt keurig opgevangen door de slip van de reel. Ik breng de vis boven het net, en de eerste forel van de trip is binnen: prachtig goud van kleur, en een luipaard-tekening zoals alleen de Mask-forellen hebben. Meten is weten, dus even het meetlint erbij: 46 cm, twee pond wilde forel; niet verkeerd voor een "poor day"!

Aan het eind van de dag komen we Tom, onze gastheer tegen. Hij wist te vertellen dat er vandaag een competitie op het meer is gehouden; van de 50 boten waren er slechts 10 die iets gevangen hadden; de dagwinnaar had één forel van 1 ½ pond...

De volgende dagen waren een afspiegeling van de eerste; hard werken om een forel tot stijgen te verleiden. Met onze drie boten en zes vissers brachten we na zes visdagen 43 forellen in de boot. Ter vergelijking: vorig jaar hadden we met vier vissers en twee boten het driedubbele aantal. Enkele maatforellen hebben we doorgestuurd naar onze meesterkok Cees, die ook culinair zijn mannetje staat; van gerookt tot gestoofd, een delicatesse!

Het vissen in en om de rotsachtige baaien van Lough Mask is altijd een avontuur; een prachtige achtergrond met de Partry Mountains, en het gevoel dat dit geweldige ecosysteem nooit ten onder kan gaan. En als je die ene dag een otter op een rots ziet klimmen, dan maakt het ineens niet zoveel meer uit of je vangt of niet...

De retour-vliegreis was eveneens avontuurlijk, al had ik dat zo niet bedoeld. Terwijl mijn maten gewoon door de douanecontrole kwamen, compleet met vliegendozen in hun jack, werd ik er tussenuit gepikt. Mijn vliegendozen waren een probleem, maar ook mijn vliegbindspullen in mijn handbagage zouden opnieuw moeten worden ingecheckt. Ik werd teruggestuurd naar de incheckbalie, maar die was al gesloten... Ik zat dus tussen wal en schip, en dankzij tussenkomst van een sportieve douanebeambte kon ik op het laatste nippertje nog mee. Ik moest wel het een en ander achterlaten, en ik weet bijna zeker dat ik nu het boarding-record-aller-tijden op mijn naam heb staan. In tien seconden vlogen we door de controle, de tax-free shop en de lounge, zo de startbaan op! Het applaus in het vliegtuig gaf aan, dat men blijkbaar geen rekening meer gehouden had met passagier Hellings. Maar ja, zo heb je thuis ook weer wat te vertellen, niet?

Anton Hellings

 

Meest gelezen...

  • Splitcane bamboo hengelbouw
  • Ons clubhuis
  • Over het wel en wee van onze bindavonden...
  • Vliegvissen op forel in Noorwegen
  • Clubkampioenschap 2010 deel I

Copyright © 2011 Vliegvis Vereniging Midden-Brabant | Sitemap
All Rights Reserved.

Design & Hosting by Technolojoy